Conclusie onderzoek SURF en Wikiwijs naar stand van zaken open leermaterialen
Wereldwijd stellen hogescholen en universiteiten steeds vaker onderwijsmateriaal open beschikbaar. Het gebruik van platforms als iTunes U, YouTube EDU voor leermaterialen en Coursera voor massive open online courses (MOOC’s) is explosief gestegen. Nederlandse hogescholen en universiteiten nemen ook stappen op het gebied van open educational resources (OER), open leermaterialen die online vrij beschikbaar zijn voor (her)gebruik. Zo publiceren enkele universiteiten open cursussen en zijn open webcolleges en deelname aan iTunes U in opkomst. Het denken over en het ontwikkelen van open leermaterialen is in beweging, veel hogeronderwijsinstellingen werken momenteel aan een visie en concreet beleid voor OER. Dat blijkt uit het onderzoeksrapport OER Hollands landschap, dat de stand van zaken van open leermateriaal in het Nederlandse hoger onderwijs schetst. Het onderzoek is uitgevoerd door de Open Universiteit in opdracht van SURF en Wikiwijs.
Voorbeelden van OER
Een kwart van de respondenten van bovengenoemd onderzoek geeft aan dat er binnen hun instelling al (collecties) met open leermaterialen beschikbaar zijn. Daarnaast zegt 39% dat er binnen hun onderwijsinstelling digitale leermaterialen bestaan die de potentie hebben om open beschikbaar te worden gesteld.
Op het gebied van open leermaterialen zijn de Technische Universiteit Delft en Open Universiteit voorlopers in Nederland. Maar steeds meer Nederlandse onderwijsinstellingen maken hun leermaterialen online vrij beschikbaar voor (her)gebruik, bijvoorbeeld via iTunes U, Wikiwijs of door webcolleges of scripties van studenten vrij beschikbaar te maken. Paul Rullmann, lid van het College van Bestuur van de TU Delft, verwoordt dit als volgt in een video-interview: “Open educational resources hebben de toekomst. Kennis betekent ontwikkeling en welvaart, dus moeten we ervoor zorgen dat mensen meer toegang krijgen tot kennis. Daar ligt een opdracht voor hogeronderwijsinstellingen. De TU Delft neemt daar actief aan deel. We bieden al zo’n 80 open cursussen aan, zijn actief op iTunes U en willen binnenkort zelfs een complete ‘open’ opleiding aanbieden.”
Visie en beleid
Hoewel de OER-ontwikkeling zich in Nederland in een aanloopfase bevindt, verwachten de onderzoekers, werkzaam bij het Centre for Learning Sciences and Technologies, dat dit in de toekomst zal veranderen. De helft van de bevraagde hogeronderwijsinstellingen geeft aan dat er binnen hun hogeschool of universiteit nog geen sprake is van beleid met concrete activiteiten om de visie op open educational resources te realiseren. Wel geeft 42 procent aan dat er momenteel beleid wordt ontwikkeld. De onderzoekers constateren een verschil tussen hogescholen en universiteiten. Universiteiten zijn merkbaar actiever in het aanbieden van open leermaterialen.
Motieven
De belangrijkste reden voor onderwijsinstellingen om in te zetten op OER is (internationale) profilering. Andere motieven zijn het aantrekken van de juiste studenten en het bereiken van nieuwe doelgroepen. De voornaamste reden om af te zien van OER is gebrek aan inhoudelijke, technische of juridische deskundigheid over open leermaterialen. Instellingen die nog niet bezig zijn met beleidsvorming geven aan dat er andere prioriteiten zijn die de aandacht voor OER ‘verdringen’, voortvloeiend uit onder meer bezuinigingen en prestatieafspraken. De focus gaat voor hen uit naar thema’s als het verhogen van de onderwijskwaliteit, studierendementen en professionalisering van docenten. Instellingen leggen nog niet de link dat OER ook voor deze onderwerpen kan worden ingezet. Wikiwijs en SURF zullen in 2013 onderwijsinstellingen faciliteren door het organiseren van strategieworkshops en het ontwikkelen van een model voor verschillende scenario’s van business cases voor OER. Onderwijsinstellingen die aangegeven hebben over open leermaterialen te beschikken, krijgen ondersteuning voor het ontsluiten via Wikiwijs.
Bron: Surf







Recente reacties